KoffieBlog

Misschien ben ik wel zo’n typisch vervelende Nederlander als ik zeg dat ik niet zonder mijn agenda kan. Ontredderd vlieg ik door het huis als ik het ding niet direct kan vinden, want zo ongeveer mijn hele leven staat erin beschreven. Mensen die ik nog terug moet bellen of mailen. De afwas doen en dit heel lang voor mij uitschuiven. Een kaartje posten. Ik durf dan ook bijna niet toe te geven dat ik minstens drie, al dan niet half gevulde agenda’s bezit, die ook nog eens bijna exploderen door een behang van losse notitieblaadjes en felgekleurde post-its. Elke agenda behoeft immers zijn eigen agenda, want met negen lullige regeltjes van één centimeter kan ik dus helemaal niets hè? Ultiem gelukkig kan ik bovendien worden van een nog lege ‘verse’ agenda; ik voel me opgeruimd, georganiseerd en gestructureerd bezig als ik mijn allereerste afspraken in een keurig handschrift in het nog onbeschreven boekje kan noteren. Ik voel me herboren.

Dit gevoel van reinheid kan ik hooguit een dag of twee vasthouden, omdat het echte leven onherroepelijk op de deur klopt en deel uit wenst te maken van mijn agenda. Het liefst houd ik mijn frisse agenda zo beperkt mogelijk, maar ware het niet dat ik het geheugen heb van een goudvis met Alzheimer. Elke scheet moet opgeschreven worden en dan overdrijf ik helaas niet. Mijn langetermijngeheugen werkt daarentegen weer iets té goed en ik kan mij soms precies herinneren waar ik vijftien jaar geleden was, welke sokken ik droeg en wat op nummer één in de top 40 stond. Echter, als iemand mij vraagt wat ik vier dagen geleden heb gedaan, moet ik er soms daadwerkelijk mijn agenda bij pakken om te ontcijferen waar ik in hemelsnaam mee bezig was. Nooit, maar dan ook nooit zal ik die vrouw zijn met dat waterdichte alibi in een moordzaak, dat begrijpen jullie wel.

Eigenlijk is het best confronterend om oude agenda’s terug te vinden vol agressief neergepende planningen die na voltooiing resoluut door mij werden doorgekrast. Als in: taak volbracht, verdwijn uit mijn leven! Afgaand op mijn agenda’s vol abstracte kunst, zou men kunnen denken dat ik een psychopaat ben met geheugenverlies. Als ik me nu al niet veel recente informatie meer kan herinneren, hoe moet dit dan zijn als ik ouder ben? Al surfend op internet lees ik geruststellende berichten dat de inname van vijf koppen koffie per dag de ziekte van Alzheimer kan voorkomen én zelfs genezen. Vijf koppen, dat is wel ongeveer wat ik op een gewone werkdag achterover sla.

Misschien moet ik me er maar bij neerleggen dat ik nu eenmaal chaotisch ben en dat koffie of agenda’s de boel misschien kunnen verhelderen, maar zeker niet genezen. En in een positiever daglicht: het is nooit vervelend om vijf koppen koffie per dag te mogen drinken voor de wetenschap. Bovendien, als ik ergens niet aan herinnerd hoef te worden, dan is het wel aan het feit dat het tijd is voor een kop koffie. Daar is het immers altijd tijd voor